Missie & visie
1. Inleiding
Rond 2020 fuseerden de Rotterdamse zorgonderdelen Delta/Bouman (inclusief haar dochterondernemingen) en Bavo Europoort tot Antes BV. Daarmee kwam er een einde aan het scheiden van psychiatrie en verslaving. De zorgonderdelen die voorheen geen EPA-patiënten met verslavingsproblematiek behandelden moesten dat vanaf dat moment wel gaan doen.
In 2022 is binnen de GGZ-teams van de Dynamostraat d.m.v. een enquête geïnventariseerd wat collega’s nodig hebben om hiertoe in staat te zijn. Op basis daarvan zijn de Handreikingen Verslaving ontwikkeld die de aandachtspunten beschrijven voor signalering, diagnostiek en behandeling van verslaving algemeen en van de verschillende verslavende middelen in het bijzonder. De handreikingen bevatten informatie over visie, diagnostiek, behandeling, kennis en samenwerking.
Het leveren van een bijdrage aan het herstel van een patiënt met EPA vereist creativiteit van de behandelaar. Het toepassen van een enkele behandelrichtlijn is doorgaans ontoereikend vanwege de complexiteit van de problematiek. Dat gegeven heeft Devi Hisgen, verslavings- en hersteldeskundige, ertoe gebracht om dit Drieluik te ontwikkelen. Met deze onderlegger wil hij ervaringen en zijn manier van werken delen. Hij maakt gebruik van perse reeds bestaande interventies die hij in een structuur heeft gegoten. Deze structuur is gebaseerd op een visie. Namelijk de visie dat het gebruik van een middel niet het centrale probleem is, maar een manier van omgaan met problemen. Stoppen met het middel is dus niet het belangrijkste doel. Het is belangrijk om ook aandacht te hebben voor triggers//craving en voor zingeving. Sommige patiënten vinden het bereiken/bestendigen van abstinentie noodzakelijk. Zij kunnen profiteren van het populaire Minnesota-12-stappen-model, omdat dit aansluit bij hun waarden. Er zijn echter ook patiënten voor wie abstinentie geen noodzaak is of bij wie het focussen op abstinentie averechts werkt. Dan zijn andere interventies dan het 12 stappen model noodzakelijk.
2. Visie: Wat is verslaving?
Verslaving is de afhankelijkheid van een middel. Een ruime definitie van “een middel” omvat ook de gedragsverslavingen (zoals gamen, gokken, seks en eten), maar over het algemeen wordt er bij “een middel” gedoeld op drugs (waaronder alcohol).
Om de complexiteit van verslaving in kaart te brengen is het handig om dit te ontleden als een probleem met meerdere lagen en een solide kern.
Laag 1: Het middel en het gebruik. Het middel is zichtbaar en de effecten van het middel zijn vaak zichtbaar voor omstanders. Dit is de oppervlakslaag
Laag 2: De geestelijke afhankelijkheid. Het gebruik is geen bewuste keuze meer, stoppen met gebruik gebeurt vaak later dan gepland of lukt helemaal niet. Het is niet altijd zichtbaar of iemand gebruikt omdat ‘ie daar op dat moment voor kiest, of omdat ‘ie afhankelijk is. Er zijn uiteenlopende oorzaken waarom iemand geestelijk afhankelijk is geworden van een middel.
Laag 3: De fysieke afhankelijkheid: Bij veelvuldig gebruik van sommige middelen -bijvoorbeeld heroïne, alcohol en GHB- kan een lichamelijke afhankelijkheid ontstaan. Acuut stoppen kan zorgen voor een scala aan lichamelijke verschijnselen, oplopend van lichtelijk ongemak tot insulten en soms zelfs de dood. Daarnaast is wetenschappelijk aangetoond dat sommige mensen een neurobiologische aanleg hebben voor het ontwikkelen van verslaving en makkelijker verslaafd worden dan mensen die deze neurobiologische aanleg niet hebben.
Laag 4: Psychische aspecten en emotionele afhankelijkheid. Deze laag gaat over betekenisgeving en zingeving: Hoe maak je plezier, verwerk je verdriet en deal je met frustratie? Deze laag gaat dikwijls het diepst en is hoogstpersoonlijk. Uit hoeveel sub-lagen deze laag bestaat tot je de kern van jouw verslaving hebt bereikt is dus 100% persoonsafhankelijk. Het heeft te maken met wat jij hebt meegemaakt en uit welk hout je gesneden bent (nature/nurture). Deze laag omvat alles tussen levensloop en genetica, coping en psychische kwetsbaarheid.
Laag 5: De maatschappij. Veel verslavingsepidemieën zijn zowel lokaal als tijdsgebonden, wat een aanwijzing geeft naar een andere drijfveer achter verslaving; niet een individuele, maar een maatschappelijke. Beleid, cultuur, welvaart, socio-economische status en politiek spelen allemaal mogelijk een rol bij de epidemiologie van verslaving. Aan de probleemkant kun je dat zien aan bijvoorbeeld de lokale heroïne epidemieën zoals in Utrecht in de jaren 70, de opioïde medicijnen in de mid-staten van Amerika of de hoestdrank problemen in landen als Nigeria. En aan de oplossingskant kan je dat zien aan wat bijvoorbeeld Portugal voor elkaar heeft gekregen na de invoering van een progressief de-criminalisatie beleid.
Frequent wordt er in de behandeling gefocust op laag 1: het gebruik, terwijl het probleem zich bevindt in de diepere lagen. Het is niet erg als iemand regelmatig een glas wijn drinkt, het is pas erg als iemand niet in staat is om op een normale manier om te gaan met het middel. Ook in diverse onderzoeken naar de effectiviteit van verslavingsbehandelingen wordt succes vertaald in bereikte abstinentie en niet in kwaliteit van leven of in herstel van het compulsieve onderliggende gedrag.
Johann Hari maakte in zijn boek ‘Chasing the Scream’ het statement “the opposite of addiction isn’t sobriety, it’s connection”. Bij het behandelen van een verslaving moet het om meer gaan dan louter een fixatie op middelengebruik: het gaat om de individuen en hun persoonlijke problemen. Hij gelooft dat verslaving in de kern een probleem is van het maken van betekenisvolle connecties. In zowel zijn boek als zijn TedTalk haalt hij het experiment van professor Bruce K. Alexander aan. Daar werd onderzocht wat een bepalende invloed de omgeving had op de ontwikkeling van een verslaving. Dit werd het Ratpark experiment genoemd. Ratten konden zichzelf heroïne toedienen. De ratten die verbleven in een stimulusrijke omgeving met veel andere ratten taalden niet naar heroïne, terwijl de ratten die in isolatie verbleven juist wel heroïne bleven gebruiken. De resultaten worden uitgebreid behandeld in het boek ‘The Globalisation of Addiction’
Missie; wetenschappelijk & humaan:
Als er een goede definitie van verslaving en van herstel van verslaving is geformuleerd, dan wordt het makkelijker om een succesvolle behandeling aan te bieden die mensen met een verslaving helpt bij hun herstel. Goede onderzoeksinstrumenten zijn daarom onmisbaar: voor het vaststellen van verslaving en voor het meten van de effectiviteit van de behandeling. Uitsluitend het objectiveren van het gebruik is niet voldoende noch behulpzaam. Een onderzoeksinstrument zou het verschil tussen recreatief gebruik en een verslaving moeten meten. Dus de impact op alle leefgebieden moeten nagaan. Een metrische schaal waarbij de mate van teloorgang, vervreemding of beperking in kaart kan worden gebracht. Idealiter zou een behandelaar een verslaving moeten kunnen herkennen zonder de patiënt verder te kennen. Het gaat dus niet om het gebruik, maar om wat het gebruik drijft. Bij een verslaving is het middel niet het onderliggende probleem, maar vormt voor de person vaak juist een oplossing, zij het een oplossing die een overdaad aan collaterale schade met zich meebrengt. Met het drieluik hopen we behandelaren handvatten te geven om behandeling humaan, wetenschappelijk en eenvoudig te maken.